Blog

« March 2005 | Main | May 2005 »



April 28, 2005

Verslag van Blognomics.nl

blog1.jpg

Kwaliteit is het sleutelwoord
Verslag van Blognomics.nl – The Economics & Mechanics of Blogging
21 april 2005, Amsterdam
Door Sjoerd van der Helm
www.blognomics.nl

Blognomics.nl is het eerste Nederlandse symposium dat geheel aan bloggen gewijd is. Het symposium is georganiseerd om antwoord te geven op vragen die rijzen nu bloggen een steeds belangrijkere rol in het medialandschap inneemt. In de omschrijving van het symposium worden de belangrijkste vragen opgesomd:
• Wat is bloggen?
• Hoe groot is de bloggosphere? Hoe hard groeit bloggen in Nederland?
• Wie zijn en wat doen de grote spelers in Nederland?
• Wat zijn de economische aspecten van bloggen?
• Wat is de rol van corporate blogging?
• Hoe gebruiken politici blogs?
• Adverteren op blogs, moet je dat doen?
• Personal Commerce via je blog gaat dat gebeuren?
• Citizen journalist, de burger die het nieuws maakt. Wat houdt deze ontwikkeling in voor de nieuwsvoorziening?
• Welk nieuws wordt het? Dat van de blogger of dat van de redactie.

Een veelheid aan vragen die de verschillende kanten van het bloggen belichten. Om deze vragen te beantwoorden heeft de organisatie, onder leiding van Guido van Nispen, sprekers uit de verschillende hoeken uitgenodigd die allemaal hun visie of ervaringen ten aanzien van verschillende onderdelen van het bloggen bespreken. De acht sprekers zijn goed gekozen, van politici tot ondernemers, en zelfs een pastoor gaf zijn visie op de nieuwe manier van publiceren. Van Nispen leidt het symposium in, en beschrijft daarin dat bloggen om “Egocasting” draait. Expressie van de blogger, en de groei van de blogs zijn centrale elementen van het bloggen, en zullen ook tijdens het symposium centraal staan.

De officiële opening van het symposium was in handen van Ruud Nederveen. Nederveen is gemeenteraadslid voor de VVD in Amsterdam, en besprak vanuit die achtergrond de invloed die bloggen en internet kunnen hebben op het politieke debat. Nederveen ziet communicatie via internet als een goede manier voor politiek debat. Hij illustreerde aan de hand van enkele internationale voorbeelden de mogelijkheden van publiceren op internet, en vooral de voordelen ervan. Door het internet hebben verschillende politieke organisaties een medium dat in potentie enorm groot is, en vooral voor iedereen, vierentwintig uur per dag toegankelijk. De rol van internet in het politieke debat illustreerde hij aan de hand van voorbeelden uit de Verenigde Staten en Zuid Korea. In Zuid Korea heeft het weblog Ohmynews invloed gehad op de uitslag van de verkiezingen. Op dit weblog wordt 75 procent van de berichten geplaatst door amateurs, de overige 25 procent door professionele journalisten. Door de hoge internet dichtheid in Zuid Korea, was dit weblog in staat een tegenwicht te bieden aan de conservatieve en gekleurde berichtgeving in de traditionele media, en dit heeft er toe geleid dat er uiteindelijk gekozen werd voor de liberale presidentskandidaat, die door het weblog werd gesteund. Nederveen noemde dit een voorbeeld van een “nieuw evenwicht, na een onevenwichtige situatie”. Hij prijst de vrijheid van het medium, die daarmee een democratisch debat mogelijk maakt, omdat het voor overheden niet mogelijk is de inhoud van de communicatie op internet te controleren en censureren.
Daarna bespreekt hij de situatie in Nederland, als het gaat om politieke blogs. Terecht merkt hij op dat blogs in Nederland veel minder politiek gericht zijn. Veel Nederlandse politici hebben een weblog, maar beïnvloeden daarmee het politieke debat niet. Hij vergelijkt dit met de situatie in de Verenigde Staten en Zuid Korea, waar een sterke scheiding tussen politiek links en rechts te merken is op de weblogs, en dat vooral ter linkerzijde een sterke politieke “blogkracht” aan het ontstaan is. Dit wordt veroorzaakt doordat weblogs een veel fellere manier van berichtgeving hebben, in vergelijking met de traditionele media. Nederveen verwacht niet dat in Nederland de politiek op een zelfde manier als in de Verenigde Staten of Zuid Korea beïnvloedt zal worden. Wel zou hij het toejuichen, want zoals hij zelf zegt: iedere vorm van politieke participatie is als winst te beschouwen, en weblogs bieden daar veel mogelijkheden toe.

Hiermee opende Ruud Nederveen het symposium, en was het woord aan de eerste spreker, Paul Molenaar van Ilse Media. Molenaar start zijn lezing, “Meninkjes van niets, over van alles” door te vertellen over de succesvolle groei van de weblogdienst Web-log.nl, die onderdeel is van Ilse Media. Ilse Media kocht deze dienst in juni 2004 van Joris Leermakers, en investeert momenteel veel geld om Web-log.nl verder uit te breiden. Erg interessant was het om te horen dat Ilse Media veel onderzoek heeft gedaan naar bloggers in Nederland, en vooral ook naar hun eigen gebruikers groep. De resultaten die Molenaar presenteerde illustreren dat Web-log.nl een heel serieuze speler zal gaan worden op blog gebied in Nederland, als dat niet al het geval is. Molenaar vertelde dat er volgens recente metingen 250 duizend bloggers in Nederland actief zijn, waarvan er ongeveer 90 duizend gebruik maken van Web-log.nl. De groei zet nog steeds door, en iedere drie minuten wordt er in Nederland een nieuw weblog gestart. De site Web-log.nl moet binnen twee jaar de op twee na grootste site van Ilse Media worden, en als de groei doorzet in 2008 zelfs de grootste.

De groep gebruikers bestaat voor zestig procent uit vrouwen, en het grootste deel is tussen de 15 en 30 jaar oud. Over de redenen voor het bloggen via de dienst Web-log.nl is Molenaar duidelijk: passie en expressie. Passie voor een onderwerp, en expressie van jezelf, en onderhouden van een sociaal netwerk zijn de kenmerken van de weblogs. Deze elementen zijn weer terug te voeren op de pageviews. Het overgrote deel van de weblogs die onderdeel uitmaken van de dienst hebben slechts een klein aantal bezoekers, tussen de 1 en 100 per maand. Veertig web-logs hebben tussen de 100 duizend en 1 miljoen pageviews per maand, en slechts twee komen boven de miljoen bezoekers uit. Molenaar verklaart dit als volgt: de grote groep kleine web-logs hebben uitsluitend bezoek van het eigen sociale netwerk, en worden alleen door vrienden en familie bezocht. Gekscherend zegt Molenaar: “Hoeveel blogs met kattenfoto’s kunnen we aan?”, en hij geeft aan dat de gemiddelde kleine blogger geen boeiende content aan een grote groep biedt.
De grotere web-logs, de toplogs hebben kennelijk “iets”. Iets bijzonders in de vorm van de juiste beelden, hartstochtelijk fans, lezenswaardige frustratie of relevante content. Molenaar verwijst hierbij naar de top-tien van meest bezochte web-logs die allemaal één of meer van deze elementen bevatten.

blog2.jpg

Daarbij vermeld hij dat in relatie tot de “lezenswaardige frustratie” het uitnodigen tot reactie de grootste populariteitsfactor van web-logs is.

Paul Molenaar spreekt ook over de groei van weblogs in relatie tot de gevestigde, klassieke media. Hij verwacht grote concurrentie voor de gevestigde media, omdat bloggers beschikken over een combinatie van twee belangrijke factoren: tijd en passie. Ook zegt hij dat naarmate weblogs uitgroeien tot “superblogs” ze zich steeds meer zullen gaan gedragen als klassieke media.
Molenaar bespreekt verder resultaten uit het onderzoek dat Ilse Media verricht heeft naar actieve links vanuit de web-logs. Hieruit kwamen interessante cijfers naar voren. Actieve links naar nieuwsmedia waren er vooral voor Nu.nl, ook onderdeel van Ilse Media. Bijna 7500 links naar Nu.nl, tegenover bijvoorbeeld 29 naar Volkskrant.nl. Hierbij merkt hij wel terecht op dat de sites van verschillende kranten bijna allemaal “op slot” zitten, dus dat linken moeilijk is. Volgens Molenaar is de verklaring voor het enorme verschil gevolg van het feit dat Nu.nl onderdeel is van de internet-community, en vooral “blogbaar” nieuws brengt. Dit illustreert de kracht van weblogs, aldus Molenaar, en ook zouden hier voor merken mogelijkheden liggen. De weblogs vormen de “long-tail: het oorverdovende lawaai van massaal gefluister”. Ze kunnen een merk groot maken, door het massaal te omarmen, maar kunnen het ook kapot maken. Merken zouden er goed aan doen om “blogbare” informatie te verstrekken. De meting van actieve links naar politieke websites toonde aan dat verreweg de meeste links (72 procent) naar de Socialistische Partij gaan. De verklaring hiervoor is volgens Molenaar dat het weblog ook een instrument voor politiek activisme is, en dat de SP er het best in slaagt zijn aanhang in beweging te krijgen.

De toekomst van Web-log.nl als uitgever bestaat eruit dat een beperkte groep web-logs, de top tien die het meest bezocht wordt, door Ilse Media begeleidt gaat worden in het gebruiken van affiliate programma’s om op die manier op commerciëlere manier met bloggen om te gaan. Op deze manier moet er voor bedrijven een elektronische variant van “mond-op-mond” reclame komen, en hiervoor zijn weblogs uitermate geschikt.
Molenbaar toonde met zijn lezing dat Ilse Media de groep bloggers heel goed in kaart heeft gebracht, en een duidelijk plan heeft voor de toekomst.

Hierna was het de beurt aan wat voorgesteld werd als de grootste concurrent van Web-log.nl, namelijk MSN Spaces. Namens MSN kwam Joost Bon, communicatie service manager van MSN Nederland, vertellen over de enorme groei van de nieuwe weblogdienst MSN Spaces. Bon begon zijn lezing met te vertellen dat er op dit moment 500 duizend MSN Spaces in Nederland zijn. Een verassend hoog aantal in vergelijking met de eerder door Molenaar genoemde 250 duizend weblogs. Waarschijnlijk had Bon het over aangemaakte accounts, in plaats van over actieve weblogs. Hij had hier zelf geen gegevens over, blijkbaar doet MSN geen onderzoek onder haar gebruikers. Spaces worden gekoppeld aan Messenger accounts, en gebruikers hebben naast een weblog de mogelijkheid foto’s te plaatsen. Personen in de contactenlijst van de gebruiker krijgen een melding als een “space” is bijgewerkt.
Bon toonde enkele voorbeelden van Spaces om te illustreren wat de mogelijkheden zijn, en vertelde hierbij dat Spaces uitgaat van een adfunded business model. Dit is op het moment beperkt tot reclame van Volvo Cars, dat momenteel de campagne “What’s Your Story” voert. Op verschillende Spaces, en op de MSN Spaces Community staat bovenaan een banner van Volvo Cars, waarmee gebruikers worden uitgenodigd hun verhalen te delen met anderen.
Het verhaal van Bon leek een beetje op een verkooppraatje van het nieuwe product Spaces, dat nu een half jaar bestaat. Het leek alsof Bon ons wilde overtuigen dat Spaces het helemaal zouden gaan worden, maar zelf ook niet helemaal overtuigd was van de nieuwe dienst.

Hierna was het woord aan Pim Slager, oprichter van verschillende internetondernemingen zoals Link, Tribez en nu MrMurch. Slager introduceert “Memerce”, E-commerce op kleine schaal. Die kleine schaal moet gezien worden als individuen of verenigingen die maar enkele producten per jaar zullen verkopen. Als je al die “kleine spelers” combineert heb je een hele grote markt. Slager denkt dat de tijd rijp is voor Memerce, omdat handelen via internet voor consumenten veel normaler is geworden, en omdat de groep individuen steeds meer en makkelijker op internet kan publiceren, zoals door de grote groep bloggers benadrukt wordt.
Slager beschrijft dat er voor kleine partijen een aantal grote praktische bezwaren zijn als het gaat om handelen via internet. Factoren als betaalsystemen, logistiek en distributie en administratie maken het moeilijk.
De nieuwe dienst MrMurch moet al deze praktische obstakels wegnemen. Het is het concept van een internetwinkel die een individuele gebruiker aan zijn of haar website of weblog kan koppelen. MrMurch verzorgt een aantal standaard artikelen, de betaling, distributie en verdere afhandeling. De gebruiker kan eigen logo’s of tekst uploaden die op de producten wordt afgedrukt. Slager beschrijft dat de mogelijkheden oneindig zijn voor bloggers, of beginnende kunstenaars of bandjes, of voor verenigingen.
Vervolgens toont hij een case-study van de winkel, om aan te tonen dat je in vijf stappen je eigen lijn kunt opzetten, en klaar bent om te verkopen. Hij heeft hoge verwachtingen van de nieuwe dienst, vooral omdat de combinatie van de massa individuele verkopers voor een grote omzet kan zorgen. De ambitie is om in het eerste jaar 10 duizend winkels te openen, het jaar daarop moeten dat er 100 duizend zijn. Als al die winkels gemiddeld tussen de vijf en tien producten per jaar verkopen, levert dat enorme hoeveelheden transacties op. Slager gaat uit van de kracht van “mond-op-mond” reclame, en wat hij noemt het “tupperware-effect”. Als een gebruiker zijn familie of vrienden uitnodigt in zijn of haar winkel, zullen deze zich bijna verplicht voelen iets af te nemen.
Op dit moment kan een gebruiker kiezen uit een beperkt assortiment, waar deze zelf een winstmarge van maximaal 100 procent op kan toeleggen. Later is het de bedoeling dat allerhande verkopen via de eigen winkel mogelijk worden.
Als bloggers dit net zo enthousiast gaan gebruiken als de blogs zelf, zou het inderdaad een enorm succes kunnen worden. De ervaring heeft geleerd dat het openen en starten van een winkel inderdaad erg goed werkt, ik heb het getest. Een soortgelijk concept uit de Verenigde Staten (Cafepress.com) heeft bewezen goed te werken. Deze dienst biedt echter wel mogelijkheden voor internationale handel, iets wat MrMurch (nog) niet doet. Toch verwacht ik dat we MrMurch zeker nog op verschillende blogs zullen tegenkomen.
Als laatste spreker voor de pauze kwam Marco Derksen, van onder andere Marketingfacts, Upstream en Share of Mind, die inmiddels bekend heeft gemaakt zijn baan opgezegd te hebben, om zich volledig te richten op het adviseren van het bedrijfsleven als het gaat om de mogelijkheden die weblogs bieden aan het bedrijfsleven. Zijn lezing, “Weblogmarketing” bestond hier ook voornamelijk uit.
Na een inleiding waarin hij cijfers besprak van de huidige stand van zaken in de blogosfeer, en de groei die de blogosfeer meemaakt en heeft meegemaakt kwam hij al snel tot de centrale vraag van zijn verhaal: “Wat moeten adverteerders doen met weblogs?” Het antwoord hierop was dat er vijf opties zijn:
- niets doen
- monitoren van de blogosfeer
- adverteren op weblogs
- sponsoren van weblogs
- zelf een weblog opzetten

Derksen adviseerde direct dat de eerste optie, niets doen, geen optie is. Het minste wat een bedrijf zou moeten doen is het monitoren van de weblogs. Derksen illustreerde dat dit monitoren heel eenvoudig te doen is door middel van sites als Technorati, Feedster en Blogpulse. Met behulp van zoektermen of merknamen kun je heel gemakkelijk zien hoe vaak er over geschreven wordt in de blogosfeer. Op deze manier is het voor bedrijven heel eenvoudig om trends te signaleren en daar op in te spelen. Ook kun je reageren als je eigen merk of naam veel voorkomt. Ook hier is niet reageren geen optie.
Vervolgens kwam Derksen op adverteren op weblogs. Hij beschrijft hierbij dat dit veel voordelen biedt voor een bedrijf. Vooral de vooralsnog lage kosten en het gericht adverteren zijn interessant. Een bedrijf moet niet in kwantiteit denken, als het gaat om bezoekersaantallen, maar juist in kwaliteit. Een weblog is uitermate geschikt om doelgroepgericht te adverteren. Als voorbeeld geeft hij hierbij dat op zijn eigen weblog Marketingfacts.nl dagelijks vrijwel uitsluitend in marketing geïnteresseerde bezoekers komen. Deze groep bestaat weliswaar uit “slechts” 3.000 bezoekers per dag, maar het is een goede manier om via advertenties een specifieke doelgroep te bereiken. Het probleem hierbij is alleen voor adverteerders om de juiste weblogs te vinden.
De volgende optie die Derksen presenteerde was het sponsoren van weblogs door bedrijven. Als voorbeeld hiervan gaf hij het weblog “Art of Speed” waar films van jonge filmmakers gepresenteerd worden, die deels door Nike betaald worden. Als tegenprestatie staat hier en daar het logo van Nike, en in de berichten wordt vermeld hoeveel Nike heeft gesponsord, en worden bezoekers gevraagd om Nike producten te kopen. De voordelen voor bedrijven zijn vergelijkbaar met die van het monitoren van weblogs: doelgroep gericht investeren, lage kosten en de mogelijkheid om feedback van je doelgroep te krijgen.
De laatste optie die Derksen noemt is het zelf starten van een weblog. Hiermee zou een bedrijf ervoor moeten zorgen dat ze de expert op het gebied van een product is, om op die manier een onderwerp te kunnen claimen. Dit heeft ook weer als voordeel dat het een eenvoudige manier is om aan de relatie met de klant en de media te werken, en om feedback te ontvangen vanuit de gebruikers. Om aan te tonen dat deze methode werkt geeft hij het voorbeeld van Brian Scoble’s Scobleizer, een medewerker van Microsoft. In de tijd dat Microsoft veel kritiek kreeg op het gevoerde beleid en de geleverde software beschreef Brian Scoble op zijn weblog de gang van zaken binnen het bedrijf. Microsoft gebruikt deze manier om via dit weblog het bedrijf op een betere manier naar buiten te brengen, en het werkt.
Derksen sluit zijn interessante verhaal af met het volgende advies aan alle bedrijven: “Het maakt niet uit wat je doet, maar doe iets op het gebied van bloggen, en doe het nu!”

Na de pauze was het woord aan de Franse blogexpert Loïc Le Meur. Le Meur werkt voor SixApart, dat de weblogtools MovableType, Livejournal en Typepad ontwikkelt. Deze drie tools worden inmiddels wereldwijd door ongeveer 7 miljoen bloggers gebruikt.
Le Meur kreeg weinig tijd, omdat de pauze iets was uitgelopen. Daarom moest hij in hoog tempo door zijn verhaal heen, wat jammer was, want het was erg interessant. Allereerst presenteerde hij cijfers over de stand van zaken in Frankrijk. Hij verteld dat er al twee miljoen weblogs zijn in Frankrijk, en dat de verwachting is dat dit ook alleen nog maar verder zal groeien. Ook weet hij dat er inmiddels al tien schoolkinderen van school zijn gestuurd vanwege berichten op hun weblogs. Daarna vervolgt hij met: “The media start to get it” om aan te geven dat Franse media de weblogs massaal hebben omarmd, en verslag doen van wat er op blogs wordt geschreven. Eerder was er natuurlijk al het voorbeeld van de Franse krant Le Monde die lezers weblogs bood om zelf nieuws te brengen.
Daarna gaat hij over op “corporate blogging” eigenlijk in het verlengde van wat Marco Derksen ook vertelde. Vragen over de mogelijkheden van bloggen voor bedrijven en adverteerders staan centraal. Hij bespreekt dat berichtgeving over merken nu vaak vanuit weblogs op een negatieve manier starten, maar als bedrijven er beter op zouden reageren, dat dat niet nodig zou zijn. Hij geeft hierbij het voorbeeld van het Kryptonite filmpje, een duur slot dat met behulp van een balpen eenvoudig te openen is. Toen dit filmpje via de weblogs verspreid werd, heeft de fabrikant niet gereageerd, en dit is volgens Le Meur het domste dat je kunt doen. Nu heeft het bedrijf hoge kosten om het slot bij consumenten terug te halen. Hoe het wel zou moeten beschrijft hij aan de hand van een voorbeeld van het eigen bedrijf, SixApart. Vanuit de gebruikers kwamen signalen dat de kosten voor de software te hoog waren. Door snel op deze signalen te reageren, uit te leggen waarom dat was, en te luisteren naar de wensen van de gebruikers, en daarop aanpassingen te doen, zijn ze erin geslaagd een negatieve discussie te veranderen in berichtgeving die in ieder geval niet slecht voor het bedrijf was. Met dit voorbeeld bevestigd hij eigenlijk wat Derksen ook al zei: zorg ervoor dat je in de gaten houdt wat er geschreven wordt, en reageer daar op. Niets doen is ook volgens Le Meur geen optie.
Toch hoeft het niet alleen negatief te zijn, zoals blijkt uit het voorbeeld van Treonauts, een blog van een groep early adopters geheel gewijd aan een Treo, een Palm-smartphone. Aan het blog zit nu een shop gekoppeld en Andrew, de maker van de blog, leeft er inmiddels van. Het punt dat Le Meur wil maken is dat je als bedrijf maar beter zelf over je producten of diensten kunt schrijven, omdat anders anderen dat doen. De vraag die blijft is dan op welke manier bedrijven moeten bloggen. Le Meur adviseert bedrijven te bloggen, of hun medewerkers te laten bloggen, over het bedrijf, om op die manier een gezicht te tonen aan de klanten. Dat dit werkt illustreerde ook hij met het Scobleizer voorbeeld. Ook kunnen bedrijven heel goed intern bloggen om op die manier een eenheid te vormen. Bij de BBC spreekt men van het “virtuele koffieapparaat” waar de duizenden medewerkers op een intern weblog beschrijven waar ze mee bezig zijn, en wat er onder het personeel speelt.
Tot slot benadrukt ook Le Meur dat “Word of Mouth” een hele belangrijke rol kan spelen voor merken en bedrijven, zoals dat al eerder op de dag ook naar voren kwam.

Hierna was het woord aan Peter Olsthoorn, één van de eerste internetjournalisten in Nederland, en op het moment onder andere hoofdredacteur van Netkwesties. Vanuit zijn achtergrond als journalist bespreekt Olsthoorn de verhouding van webloggen ten opzichte van journalistiek. Hij opent zijn presentatie: “Blognieuws, de burger zelf aan de drukpers en de camera.” met de vraag hoe journalisten, uitgevers en omroepen op deze ontwikkeling zouden moeten antwoorden.
Olsthoorn geeft aan dat hij vooral geïnteresseerd is in een discussie met de aanwezige groep van veelal bloggers, en daarom geen lang verhaal zal houden, maar tegengas vanuit de zaal hoopt te krijgen. Hij start met te benadrukken dat weblogs eigenlijk niet meer en niet minder dan een communicatie techniek zijn, voortgekomen uit de homepages. Een leuk detail is dat hij een aantal jaar geleden aan Planet Internet (waarvoor hij werkzaam was), voorstelde alle abonnees een weblog te geven. Planet Internet had hier toen geen vertrouwen in, maar komt binnenkort alsnog met een weblogdienst.
Olsthoorn stelt journalistiek voor als een piramide waarin gevestigde media als het Journaal en NRC bovenaan staan, en de huis-aan-huis bladen helemaal onderaan. In deze piramide zijn de weblogs naar zijn mening ook onderaan begonnen, maar nu bezig met een snelle opmars naar boven. Als verklaring hiervoor geeft hij aan dat weblogs over een aantal sterke eigenschappen beschikken ten opzichte van de traditionele journalistiek. Weblogs zijn fris, snel, goedkoop, staan dichtbij de lezer en er is een mogelijkheid tot reageren. Ook noemt hij zwakke elementen, zoals het ontbreken van een uitgeefmodel, en het niet toepassen van wederhoor. Ook zouden weblogs opportunistisch zijn, en afhankelijk van het werk van derden, als het gaat om nieuwsgaring.
Een interessante vraag die Olsthoorn stelt is of de zaal denkt dat het toeval is dat de snelle groei van de weblogs gestart is in een periode waarin de journalistiek zich in een crisis bevond. Is dat toeval, of hangt het één met het ander samen? Er komt geen antwoord op.
Journalisten moeten reageren op de snelle ontwikkeling van weblogs door zich multimediaal te ontwikkelen en vooral veel beter te worden in wat ze doen, door wederhoor en research, wat op weblogs nu nog ontbreekt. Hiermee zouden ze hun positie versterken, die anders bedreigd wordt door weblogs.
Voor de toekomst schetst Olsthoorn twee scenario’s: positief en negatief. In het positieve geval komen bloggers en journalisten dichter bij elkaar en gaan ze samen op zoek naar een vorm waarin ze elkaar versterken en een krachtig uitgeefmodel zoeken. In het negatieve scenario pakken de uitgevers de weblogs niet op en zullen de wegen gescheiden blijven. In dit geval zal de journalistiek grotendeels verdwijnen, maar zullen de weblogs deze functie niet goed over kunnen nemen, en er bij blijven “bungelen”.
Tot slot zegt Olsthoorn dat hij van mening is dat het wel veel leuker is geworden met de komst van weblogs en dat het een uitdaging is voor zowel journalisten als weblogs om een weg te vinden.
Olsthoorn heeft een verslag van Blognomics gepubliceerd in de laatste editie van Netkwesties.

De laatste spreker was Meüs van der Poel, verbonden aan Politiekonline.nl. Hij is onder andere verantwoordelijk geweest voor de laatste verkiezingscampagne van het CDA. Van der Poels presentatie “Narcisme of Noodzaak” gaat over de verhouding tussen politici en hun weblogs. Hij schetst dat het onderhouden van een weblog voor een politicus een belangrijke functie kan vervullen als het gaat om de relatie met de achterban en het presenteren van de politicus als persoon. Daarnaast is het een goed middel om te meten wat er in de samenleving speelt.
Net als Ruud Nederveen is Van der Poel van mening dat weblogs in Nederland nog niet erg veel invloed hebben op het politieke debat. Hij wijdt dit aan het feit dat veel weblogs van Nederlandse politici niet veel meer zijn dan uitgeschreven weekagenda’s waarin nauwelijks een mening of een opinie wordt gegeven. Daarnaast worden veel weblogs onderhouden door een communicatie afdeling van een partij, en publiceren politici zelf lang niet alle berichten.
Ook Van der Poel geeft aan dat de linkse partijen verreweg het meest actief zijn op weblog gebied, vooral de SP. Weblogs zijn een doeltreffend instrument voor politiek activisme en de SP stimuleert het gebruik ervan binnen de partij. Dit klopt dus ook met de bevindingen van Paul Molenaar.
Van der Poel heeft kritiek op het feit dat links naar weblogs van politici niet verzameld zijn op de websites van de regering of de Tweede Kamer.
Ook beschrijft hij dat zijn verwachting is dat weblogs in de toekomst een grotere rol gaan spelen voor politici. Weblogs zijn nu vaak nog een uithangbord van vastgestelde standpunten, maar als het politieke bestel verder personificeert zullen weblogs een grotere rol gaan spelen. Hij heeft als aanbeveling dat er meer ondersteuning voor bloggende politici moet komen, omdat de vraag van bezoekers zal toenemen. Hierbij is het van belang dat de inhoud verandert naar opinies en meningen, omdat die interessanter zijn dan een reisverslag of een agenda van een politicus.
Van der Poel voorspelt dat steeds meer politici de weblogs in hun media-mix zullen opnemen, om op die manier eigen kanalen te creëren en niet afhankelijk zijn van journalisten. Hij verwacht niet dat de kloof tussen burger en politicus hiermee opgelost zal worden, maar ziet het wel als een stap in de goede richting.
Tot slot vraagt hij zich af of er binnenkort politici zullen gaan sneuvelen door berichten die de traditionele media niet oppakken, maar weblogs wel, of zelfs door uitlatingen op het eigen weblog. Dat deze verwachting reëel is bleek recentelijk in de Verenigde Staten, waar senator Trent Lott in opspraak kwam door uitlatingen, die door de traditionele pers niet werden opgepakt, maar wel door de bloggers. Het heeft ertoe geleid dat hij moest aftreden.

De reeks werd afgesloten met een podcast van Roderick Vonhögen. Vonhögen is pastoor en maakt podcasts voor Catholic Insider. Hij kon niet live aanwezig zijn op het symposium omdat hij in Rome was in verband met de benoeming van een nieuwe paus, waarvan hij verslag heeft gedaan via zijn podcasts. Hij verteld hoe hij het medium gebruikt om verslag te doen van zijn activiteiten als pastoor, om op die manier geïnteresseerden een kijkje te geven in zijn leven.

blog3.jpg

De sprekers verzameld tijdens het forum (foto: Ton Zijlstra)

Tot slot was er een forum en een afsluitende borrel. Tijdens het forum werden de “superblogs” besproken. Met superblogs worden grote weblogs als GeenStijl.nl of Volkomenkut.com bedoeld, en het ging erom in hoeverre deze blogs een verantwoordelijkheid moeten nemen bij het wel of niet plaatsen van verschillende berichten. Deze vraag kwam naar aanleiding van het feit dat deze superblogs geregeld berichten plaatsen waarin zij personen of groepen mensen compleet belachelijk maken. Paul Molenaar gaf al eerder aan dat hij verwacht dat deze superblogs zich onder invloed van meer adverteerders steeds meer als traditionele media zullen gaan gedragen, en dat de uitlatingen en berichten daardoor vanzelf gematigder zullen worden. Adverteerders zullen niet direct invloed op de inhoud uitoefenen, maar zullen ook niet accepteren dat hun naam verbonden is aan een weblog dat stelselmatig anderen de grond in boort, en op die manier negatief in de aandacht komt. Volgens Molenaar is dit een goede ontwikkeling, omdat hij bang is dat we anders binnenkort de eerste zelfdoding kunnen verwachten, naar aanleiding van een bericht op een weblog.

Blognomics was een geslaagd symposium dat veel vragen over bloggen beantwoord heeft. De huidige omvang van de Nederlandse blogosfeer werd duidelijk geschetst, en hieruit volgt wat we eigenlijk al wisten: bloggen zal een steeds belangrijkere plaats in het medialandschap gaan innemen. Voor bedrijven liggen er veel mogelijkheden op het gebied van bloggen, vooral als het gaat om het verspreiden van een merknaam en het monitoren van wat er speelt onder de consumenten. De adverteerders moeten af van het idee van kwantiteit, het bereiken van grote groepen. Doelgroepen kunnen beter bereikt worden door gericht te adverteren op weblogs met specifieke doelgroepen. Kwaliteit is dus belangrijker. De vraag hierbij is wel hoe je de juiste weblogs en doelgroepen kunt selecteren en bereiken.
Ook op politiek gebeid zijn er vel mogelijkheden. De karakteristiek van het medium kan een belangrijke rol spelen bij de relatie tussen de burger en de politicus, en maakt het vooral mogelijk de politicus als persoon te presenteren, en zijn of haar mening zonder tussenkomst van een journalist te publiceren. Op dit moment maken politici in deze zin nog niet veel gebruik van blogs, maar de verwachting en aanbeveling is dat ze dat in de toekomst meer gaan doen.

Onder de ongeveer honderd bezoekers bevonden zich vanzelfsprekend veel bloggers. Dit heeft tot gevolg dat er inmiddels veel gepubliceerd is over het symposium. Ik verwijs naar het blog van Blognomics voor wie meer informatie wil. Hier zijn links naar veel publicaties en blogs verzameld, maar ook zijn hier audio- en video-opnamen van het symposium te vinden. Ook zijn hier de sheets van de presentaties te vinden. Al met al een geslaagd symposium, dat voor herhaling vatbaar is, misschien alleen al om te zien of de uitgesproken verwachtingen zijn uitgekomen.

Posted by Sabine at 12:55 PM | Comments (0)

April 27, 2005

BBC News: "'Infomania' worse than marijuana"

Workers distracted by email and phone calls suffer a fall in IQ more than twice that found in marijuana smokers, new research has claimed. The study for computing firm Hewlett Packard warned of a rise in "infomania", with people becoming addicted to email and text messages. Researchers found 62% of people checked work messages at home or on holiday. The firm said new technology can help productivity, but users must learn to switch computers and phones off.

The study, carried out at the Institute of Psychiatry, found excessive use of technology reduced workers' intelligence. Those distracted by incoming email and phone calls saw a 10-point fall in their IQ - more than twice that found in studies of the impact of smoking marijuana, said researchers.

Source: http://news.bbc.co.uk/1/low/uk/4471607.stm

Posted by Sabine at 11:02 AM | Comments (0)

April 19, 2005

Cut up Magazine on Art and Politics of Netporn

Cut.up.magazine (http://www.cut-up.com) invites proposals for a special issue on the art and politics of netporn.

Cut.up.magazine (http://www.cut-up.com) nodigt uit tot het inzenden van voorstellen voor een speciale editie over de kunst en politiek van netporn.

English Call (Nederlandse versie staat hieronder)
Cut.up.magazine (http://www.cut-up.com) invites proposals for a special issue on the art and politics of netporn.

This issue is produced in cooperation with the Amsterdam-based Institute of Network Cultures (http://www.networkcultures.org) and will be published two weeks before their two-day conference on The Art and Politics of Netporn in early October 2005.

A growing number of theoretical and historical porn studies have appeared over the last decades, yet few have focused on the analysis of netporn as complex networks. We are therefore particularly interested in proposals that address activities such as blogging, p2p porn, queer aesthetics and
webcamming, but also those that focus on the political economy of netporn through a mapping of its industry or an exploration of the relation between netporn and war.

Proposals are invited for articles of approximately 5000 words. They should be based on original research and explicitly address the specificity of netporn within these networks. Since our aim is to publish high-quality articles that can serve as a basis for further research, each article
will be remunerated with 750 euros, excluding possible extra expenses.

The deadline for receipt of proposals is May 15, 2005 and may be e-mailed to bas@cut-up.com.

More information:
Bas van Heur
Cut.up.media
PO Box 313
2000 AH Haarlem
The Netherlands


Dutch Call:
Cut.up.magazine (http://www.cut-up.com) nodigt uit tot het inzenden van voorstellen voor een speciale editie over de kunst en politiek van netporn.

Deze editie is het resultaat van een samenwerking met het Amsterdamse Instituut voor Netwerkcultuur (http://networkcultures.org) en zal twee weken voor hun tweedaagse conferentie in Oktober 2005 over ‘The Art and Politics of Netporn’ online worden gepubliceerd.

Een toenemend aantal theoretische en historische porno-studies zijn in de laatste decennia verschenen, maar slechts weinigen hebben zich gericht op een analyse van netporn als complexe netwerken. We zijn daarom vooral geïnteresseerd in voorstellen die zich richten op activiteiten zoals
blogging, p2p porno, queer esthetiek en webcamming, maar ook voorstellen die zich concentreren op de politieke economie van netporn door het in kaart brengen van de industrie of een exploratie van de relatie tussen netporn en oorlog.

We zijn op zoek naar voorstellen die artikelen opleveren van circa 5000 woorden. Deze dienen gebaseerd te zijn op origineel onderzoek en expliciet de specificiteit van netporn als aspect van deze netwerken aan te spreken.
Aangezien het ons doel is om kwalitatief hoogstaande artikelen te publiceren die kunnen dienen als basis voor verder onderzoek zal ieder artikel worden vergoed met 750 euro, exclusief mogelijke extra uitgaven.

De deadline voor ontvangst van voorstellen is 15 mei 2005 op het volgende e-mail adres: bas@cut.up.com. Voorstellen en artikelen kunnen zowel in het Nederlands als Engels worden geschreven.

Meer informatie:
Bas van Heur
Cut.up.media
Postbus 313
2000 AH Haarlem

Posted by Sabine Niederer at 10:24 AM | Comments (0)

April 18, 2005

Darko Fritz in Santa Monica

Dear friends,
greetings form sunny Santa Monica / Los Angeles!

My previous residence at Baltic [UK] finished only week ago. I was there after invitation by Sarah Cook. It was great there, meeting great people from east-north England and lot of [hard] working. Two new videos are about to be complete this days in long-distance work with editor based in Amsterdam [Error Reports and Internet Error Messages, 20 minutes in total], and additionally Time=Money is in row cut now. The DVD edition of the End of the Message project will be out at the end of the April [in edition of 1000, consists of more than 3 hours of video]. In UK I made few presentations: at the Dundee University in Scotland [via Chris Byrne] and at the Hypermedia Studies at the Westminister University in London [via Richard Barbrook], and for students from University of Sunderland. Short-term exhibition, i.e. video-installation was set-up in big room in the Baltic, where as it was Eastern more than 7000 people pass Baltic this two days. Home-prints of Home posters are at display at Risk exhibition in Glasgow [curated by Ele Carpenter]. As well, the Home posters are to be displayed soon at the English - Scottish border ... So, it is time to slow down a bit ...
Now I am at 18th Street Art Centre in Santa Monica, LA, at artist-in-residence until end of May, so for full two months. At 14th april I'll make artist presentation here.
This is a complex of 25 studios and galeries. Legendary Electonic Cafe International is part of it. They are closed at a moment and busy with sorting out their archives of 25 years work. Here is as well the EZTV, pioneering media art centre founded in 1979. Here are three international artist-in-residence studios and Highway performance space. As well I am short-term scholar at the UCLA.
Margit Rosen will be my guest for few weeks this month. She will come to LA to make part of her phd research, and we'll work together on the paper on early [1960's] computer vs. conceptual art for the banff conference.

This is my second ever visit to America ... 'i like america and america likes me' ... here are some results of my jet-legged shopping and things i found in the fridge ...

first my favorite:
butter.jpg

following is made by native indians: 'half & half fat free ultra-pasteurized' ... i can't believe it's not milk! [here to prove you how quickly i am learning] ...
half-half.jpg

show to children how pepper look alike ... wittgenstein, we love you!

papper.jpg

+++
i can't believe it's not a pipe!
+++

california über alles!
It seems that the Croatian - Californian [sun]x-change taking place right now ...

Clayton Campbell [artist and director of 18th St. Art, where I'm now] and Zelimir Koscevic are in Dubrovnik today. Clayton exhibition his photos there, the same exhibition that was presented in Zelimir's Lang Photo Gallery in Samobor November 2004 [thanks to Zeljko and Lang gallery I am now in LA]. I suppose that is sunny in Dubrovnik as it is here ...
la_sun.jpg
[upon many of your request -- i get 30 replies yesterday--] here is an e-sunshine captured at today's LA sky ...

here enclosed some of the Santa Monica skyline ... view from my terrace, direction sea [3 km] ... as all around LA ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- very horizontal --------------
... electricity beams ... palms ... electricity beams ... palms ...
skyline.jpg electric_palms.jpg

I just started to explore a bits of a giant called LA ... it's fascinating ... in scale ... in style ... in diversity ... There is a hell lot of a things going on in LA ...LA weekly have 200 pages in big format ...

and here - to share - a reply from Derek Holzer [on half-half WHAT, half empty, half full, jin-jang supermarket experience] ... the zoom-in the logo ... i can't belive that this is not a ...

Maiden.gif

now i am developing the project which will hopefully go at 7th may. it is temporary site-specific installation and +- 3 hours internet video streaming event. take a look at the very first sketch: the white dots represent burning candles, creating kind of subtitle for internet streaming. an ultimate reality tv! american influence, you see ... hey, if you know the venue when it can be publicly broadcasted at may 7th, 19 - 21 h [la time], please let me know ...

204 from terrace.jpg

cheers

Darko Fritz

http://darkofritz.net . darko@darkofritz.net

until 31st May: 1659A 18th Street, Santa Monica, CA 90404
tel: +.1.310.8295104 . mobile: +.1.6462595398 . fax +.1.310. 4534347

Posted by Sabine Niederer at 01:21 PM | Comments (0)

Grenze by Patrick Fontana

GRENZE / Lectures of the Capital by Karl Marx //
www.grenze.fr.vu
renduuda30.jpg
video performance / Patrick Fontana //
Electronic music / Aelters //
Graphics designer / Pierre-Yves Fave //

Grenze is supported by : ministère de la culture et de la communication, DICREAM / SCAM, Société Civile des Auteurs Multimédia /CTC, Collectivité Territoriale de Corse / AERI

Our generation’s experience : Capitalism won’t die of natural death //
We intend through these particulars lectures of Marx’s Capital to open interrogations about social and economics context of today’s Capital. In GRENZE, the principal question thus goes on the movement, the circulation of capital and its transformations. It places progressively series of metamorphic movements. It articulates with it. It gives it a visual translation. Our look, our waiting, time respond together to this construction of an infernal mecanism which holds everything. It opens a range of questions as how today’s capital catches our lives, our subjectivities.

Posted by Sabine Niederer at 09:52 AM | Comments (0)

April 13, 2005

Incommunicado 05: ad and draft program

onzeWereldAd.a.12.05.05.jpg

Working Conference Program
Incommunicado 05
De Balie, Amsterdam
June 15: Public Event
June 16-17: Work Conference
Organization: Institute of Network Cultures, Waag Society, Sarai.

Please note that this draft program includes several 'optional' sessions. This is somewhat unusual but in line with the experimental approach to the event,which has been set up in part to explore alternatives to standard conference formats. These sessions (Info-Corporations at the UN, WIPO) are included because while we don't have the expertise to 'cover' these areas, we still feel that research in these areas should be brought into the general orbit of the working conference; whether these workshops will actually be held will be decided in cooperation with participants closer to the event. All other sessions will take place as noted, including the 'open' sessions, which are scheduled to provide an opportunity for the presentation of case studies, new initiatives, etc. that are not easily incorporated in any of the other workshops. To register as a presenter for an open session, please contact the INC.


Incommunicado 05: From Info-Development to Info-Politics
Incommunicado 05 is a two-day working conference that will attempt to offer a critical survey of the current state of 'info-development', most recently known by its catchy acronym 'ICT4D'. Not too long ago, most computer networks and ICT expertise were located in the North, and info-development seemed to be a rather technical matter of knowledge and technology transfer from North to South. While still popular, the assumption of a 'digital divide' that follows this familiar cartography of development has turned out to be too simple. Instead, a more complex map of actors, networked in a global info-politics, is emerging.

Different actors continue to promote different - and competing - visions of 'info-development'. States with emerging info-economies like Brazil, China, and India form south-south alliances that challenge our sense of what 'development' is all about. New grassroot efforts are calling into question the entire regime of intellectual property rights (IPR) and access restrictions on which commercial info-development is based. Commons- or open-source-oriented organizations across the world are more likely to receive support from southern than from northern states, and these coalitions are already challenging northern states on their self-serving commitment to IPR and their dominance of key info-political organizations.


Actors no longer follow the simple schema of state, market, or civil society, but engage in cross-sectoral alliances. Following the crisis of older top-down approaches to development, corporations and aid donors are increasingly bypassing states and international agencies to work directly with smaller non-governmental actors. While national and international development agencies now have to defend their activity against their neoliberal critics, info-NGOs participating in public-private partnerships and info-capitalist ventures suddenly find themselves in the midst of a heated controversy over their new role as junior partner of states and corporations.


Long considered a marginal policy field dominated by technology experts, info-development is embroiled in a full-fledged info-politics, negotiated in terms of corporate accountability, state transformation, and the role of an international civil society in the creation of a new world information order. Emerging from the 'incommunicado' internet forum, the work conference will start mapping some of the faultlines of such a politics, and it will do so by engaging people from different info-political backgrounds in a collaborative exploration of concepts and strategies.


::Wednesday, June 15::


Public Event
20.00-22.30 Main Hall


Situating the workshop agenda in the the broader context of the UN Summit on the Information Society (WSIS) as well as the controversy over an emerging international civil society, the public event on Wednesday night will introduce the topics of the work conference to a broader non-specialist audience. Offering a first definition of info-development/ICT4D, the public event will raise some of the key conference issues, including the extent to which this field is indeed characterized by a shift from North-South transactions to South-South alliances (a shift that is facilitated by the convergence of resistance to the dominant IPR regime) and the role played by info-development NGOs.


::Thursday, June 16::


Plenary 1: Introduction and Overview
10.00-11.00 Main Hall


ICT4D is widely considered a key element in processes of democratization, good governance, and poverty alleviation. This plenary will situate the rise of ICT4D in the context of the transformation of development as a whole, and outline individual workshop agendas.


Workshop A1: NGOs in Info-Development
11.30-13.00 Main Hall


We have become used to thinking of NGOs as 'natural' development actors. But their presence is itself indicative of a fundamental transformation of an originally state-centered development regime, and their growing influence raises difficult issues regarding their relationship to state and corporate actors, but also regarding their self-perception as representatives of civic and grassroots interests. Following a survey of some of the major info-development NGOs and networks, this workshop will address questions related to the politics of representation pursued by these actors: why should they sit at a table with governments and international agencies, and who is marginalized by such a (multistakeholder) dynamic of 'inclusion' dominated by NGOs?


Workshop A2: After WSIS: Exploring Multistakeholderism
11.30-13.00 Salon


For some, the 2003-5 UN World Summit on the Information Society (WSIS) is just another moment in an ongoing series of inter-governmental jamborees, glamorizing disciplinary visions of global ICT governance to distract from other info-political struggles. For others, WSIS revives 'tricontinentalist' hopes for a New International Information and Communication Order whose emphasis on 'civil society actors' may even signal the transformation of a system of inter-governmental organizations. Either way, WSIS continues to encourage the articulation of agendas, positions, and stakes in a new politics of communication and information. Following the effort to actively involve civil society actors in WSIS activities, the idea of an emergent 'multistakeholderism' is already considered one of the key WSIS outcomes. Beyond the consensualist minimalism of incorporating critical positions in ever more encompassing final statements and action plans, this workshop will explore the promise and limits of multistakeholderism.


Workshop A3: Info-Corporations at the United Nations (Optional Session)
11.30-13.00 Cinema


The controversial agreement between Microsoft and the UNDP, issued at a time when open source software is emerging as serious non-proprietary alternative within ICT4D, is just one in a series of public-private partnerships (PPP) between corporations and the UN. As the UN reaches out to Cisco, HP, or Microsoft, many argue that these cooperations are simply an expansion of the PPP approach to international organizations, and should be assessed on their respective terms. Others suggest, however, that these developments are indicative of a much more fundamental transformation of the UN and its member organizations, and point to the sobering outcome of the almost-no-strings-attached Global Compact, widely criticized as multilateral collusion in corporate 'bluewashing', the Cardoso Panel on UN-Civil Society Relations and its controversial definition of civil society, or the ongoing controversy over a new set of international standards for corporate accountability. This workshop will attempt to situate PPPs in the field of info-development in the broader context of rising corporate influence at the UN.


Workshop B1: WIPO and the Friends of Development (Optional Session)
14:00-16:00 Main Hall


As the international info-economy has come to revolve around intellectual property rights, the World Intellectual Property Organization (WIPO) has asserted its status as a key player in matters of info-development. Overseeing the implementation of international IPR regulations, the little-known agency has been calling for an expansion of the dominant IPR regime and generally supports euro-american strategies of bypassing multilateral negotiations through an aggressive 'TRIPS-Plus' bilateralism. But recently, the agency has been targeted by a global campaign, lead by a group of southern states, to challenge its limited agenda. This workshop will take a close look at WIPO and the efforts organized to change its mission.


Workshops B2-B3: Open Sessions
14.00-16.00 Open Sessions
Salon and Cinema
(Case Studies, Self-Organized Workshops with Flexible Timeslots)


Plenary 2: Aid & Info-Development after 9-11
16.30-18.00 Main hall


What is the status of aid in the promotion of ICT4D, and how have ICT4D actors responded to the politicization and securitization of aid, including the sale of security and surveillance technologies in the name of info-development? To what extent does info-development overlap with new info-infrastructures in the field of humanitarian aid (ICT4Peace)? Are global trade justice campaigns a response to classic development schemes?


::Friday, June 17::


Plenary 3: ICT4D and the Critique of Development
10.00-12.00 Main Hall


The critique of development and its institutional arrangements - of its conceptual apparatus as well as the economic and social policies implemented in its name - has always been both a theoretical project and the agenda of a multitude of 'subaltern' social movements. Yet much work in ICT4D shows little awareness of or interest in the history of such development critique.


Instead, techno-determinist perspectives have become hegemonic, and even many activists believe that ICT will lead to progress and eventually contribute to poverty reduction. Have development scepticism and the multiplicity of alternative visions it created simply been forgotten? Or have they been actively muted to disconnect current struggles in the area of communication and information from this history, adding legitimacy to new strategies of 'pre-emptive' development that are based on an ever-closer alliance between the politics of aid, development, and security?


Are analyses based on the assumption that the internet and its promise of connectivity are 'inherently good' already transcending existing power analyses of global media and communication structures? How can we reflect on the booming ICT-for-Development industry beyond best practice suggestions?


Workshop C1: New Axes of Info-Capitalism
13.00-15.00 Main Hall


We are witnessing a shift from in the techno-cultural development of the web from an essentially post-industrialist euro-american affair to a more complexly mapped post-third-worldist network, where new south-south alliances are already upsetting our commonsensical definitions of info-development as an exclusively north-south affair. One example of this is the surprising extent to which a 'multilateral' version of internet governance has been able to muster support, another is the software and ipr reform (WIPO Development Agenda). info-development, that is, has ceased to be a matter of technology transfer and has become a major terrain for the renegotiation of some of the faultlines of geopolitical conflict - with a new set of actors. But does this really affect the established dependencies on 'northern' donors, and if so, what are some of the new alliances that are emerging?


Workshop C2: FLOSS in ICT4D
13.00-15.00 Salon


Pushed by a growing transnational coalition of NGOs and a few allies inside the multilateral system, open source software has moved from margin to center in ICT4D visions of peer-to-peer networks and open knowledge initiatives. But while OSS and its apparent promise of an alternative non-proprietary concept of collaborative creation continues to have much counter-cultural cachet, its idiom can easily be used to support the 'liberalization' of telco markets and cuts in educational subsidies. What is the current status of OSS as idiom and infrastructural alternative within ICT4D?


Workshop C3: Accountability and the Critique of Representation
13.00-15.00 Cinema


The decade-long controversy inside the 'NGO community' on issues of accountabilty is also affecting actors in ICT4D. The singularity of network environments and the particular brand of info-politics it has facilitated suggest, however, that 'accountability' cannot simply be transferred into the context of the post-representative politics of network(ed) cultures. So beyond embracing stakeholder consultation and participation, what is ICT4D's original contribution to one of the core concepts in the renewal of development as a project?


Workshop D1: The New Info-Politics of Rights
15.30-17.00 Main Hall


After the end of the Cold War and the collapse of the bilateral order, the discourse of human rights has become an important 'placeholder' for agendas of social change and transformation that are no longer articulated in 'third worldist' or 'tricontinentalist' terms. In the field of communication and information, major NGOs and their network 'campaigns' have also decided to approach WSIS-related issues by calling for 'new rights', paralleling other trends toward a juridification of info-politics more generally.


Workshop D2: Nuts and Bolts of Internet Governance
15.30-17.00 Salon


One of the few areas where WSIS is likely to produce concrete results is internet governance (IG). The IG controversy revolves around the limits of the current regime of root server control (ICANN/US) and possible alternatives, but it is also significant because it signals the repoliticization of a key domain of a technocratic internet culture that long considered itself to be above the fray of ordinary info-politics. The sense that IG has info-political implications and should be subject to discussion beyond expert fora is, however, much more widespread that actual knowledge of the techno-cultural dynamic actually involved in governing the internet. This workshop with be a nuts-and-bolts session for non-techies.


Workshop D3: Media & Migration
15.30-17.00 Cinema


Some of the organizations active in the WSIS process lost their accreditation because participants used their visa to say goodby to Africa. Widely reported, the anecdote suggests that media and migration form a nexus that is nevertheless rarely explored in the context of ICT4D. In this session, we will survey some of the work on migrant and refugee media. It will also introduce the agenda of the wireless bridge project, a sister event of the incommunicado work conference that will take place in Tarifa (Spain) later in June.


Plenary 4: Closing Session

Posted by Sabine Niederer at 01:48 PM | Comments (0)